Hoe kan een verminderde vleesconsumptie een invloed hebben op het wereldvoedselprobleem?
Elk jaar sterven meer dan 6 miljoen kinderen aan de gevolgen van ondervoeding. Ondertussen leven 1,3 miljard runderen, 0,9 miljard varkens, 1,8 miljard schapen en geiten, en 14,1 miljard kippen van ongeveer 76% van alle landbouwgrond op onze planeet. Bovendien wordt gemiddeld 44% van alle graangewassen in de wereld gebruikt als veevoeder. Om vlees te produceren worden dieren namelijk vetgemest met plantaardig voedsel. Deze omzetting van plantaardige naar dierlijke voedingsstoffen is over het algemeen inefficiënt. Er zijn meerdere kg plantaardige eiwitten nodig om één kg dierlijk eiwit te produceren. Bovendien neemt de productie van veevoerdergewassen (andere dan grassen) zowat een kwart van alle beschikbare akkerland in beslag. Op deze gronden kan in vele gevallen plantaardig voedsel voor rechtstreekse menselijke consumptie verbouwd worden.
|
|
|